Voorjaarsreisje SP-ouderen.
Het is woensdag 10 mei 2006 en om halftien in de ochtend heeft zich al een
kleine menigte SP - ouderen verzameld bij het oude postkantoor van Eindhoven.
Zij wachten op de bus die hen, op deze mooie, zomerse dag zal brengen naar
Drimmelen, waar hen, alvorens we de boottocht door de Brabantse Biesbosch gaan
maken een lunch en de lezing van Mia van Boxtel wacht die gaat over het milieu.
Elk jaar organiseert de SP zo’n voorjaarsreisje om de vele actieve vrijwilligers
van de SP eens te belonen voor hun inzet. Met een eigen bijdrage én een bijdrage
van afdeling Eindhoven, was het weer gelukt om voor en redelijk bedrag een leuk
uitstapje te organiseren. Er waren dan ook voldoende inschrijvingen om met een
volle bus
(60 personen) er een fijne dag van te gaan maken.
De stemming zat er al direct goed in.
Een heerlijk zonnetje en een temperatuur die in de loop van de dag opliep tot 27
graden beloofde veel goeds.
Aangekomen op de plaats van bestemming wachtte er een heerlijk kopje koffie in
restaurant ‘Jaghtpanorama, waarna Mia haar lezing hield en vertelde over dit
oorspronkelijk zoetwater getijdengebied dat een stelsel van rivieren, kleine en
grote kreken en eilanden omvat en waar Maas en Waal in zee uitstromen.
In vroeger tijden was het getijdenverschil wel twee meter, maar sinds de
voltooiing van de Haringvlietsluizen in 1970 is er geen directe verbinding meer
met de zee.
Dit heeft enorme gevolgen voor de natuur in dit gebied.
Heel veel dier - en plantsoorten zijn toen verdwenen en er zijn (gelukkig) weer
andere voor in de plaats gekomen. Dit proces gaat nog steeds door; de natuur
heeft daar meer tijd voor nodig dan de nu afgelopen 35 jaar.
Op termijn zullen de Haringvlietsluizen langer en vaker worden opengezet, zodat
ook het getijdenverschil in de Biesbosch weer toeneemt en de botsing van zout en
zoet water weer plaatsvindt.
In vroeger jaren werd er in de Grienden (wilgen en rietlanden), de
wilgenstruiken óm de zoveel tijd afgesneden. Onder andere ten behoeve van de
mandenmakers en kuipers, maar ook voor de waterbouwwerken werden de wilgen
gebruikt.
Er werden zinklichamen voor dijken, oevers en taludbescherming van gemaakt, die
dan naar de plaats van bestemming werden gesleept.
Sinds de afsluiting van het Haringvliet is er in deze bedrijfstak behoorlijk de
klad gekomen.
Er zijn echter ook bedreigingen voor dit unieke gebied. Zoals de gasboringen.
Dit hebben we indertijd met de SP-actie ‘Boor de Biesbosch niet de grond in’,
helaas niet tegen kunnen houden. Er gaan nu wéér stemmen op vóór proefboringen,
waarvan men niet weet of dit voor het milieu schadelijk is.
Men zegt van niet, maar dat kan men pas beoordelen wanneer de boren de grond
ingaan.
Ook het zwaar vervuilde rivierwater dat zich afzet op het slib van de
Biesboschbodem vormt een bedreiging omdat dit vervuilde slib nu nergens anders
meer heen kan.
De biesbosch is vanwege zijn natuurlijke ligging de bezinkput van Noord-West
Europa geworden.
De werkgroep Biesboschbodem pleit er dan ook voor om bepaalde gebieden die nu
nog schoon zijn, te voorzien van een drempel zodat de rivier daar niet zijn
zware metalen kan deponeren.
Dan is er binnen de grenzen van het Nationaal Park ook nog de Stort van Troost,
waar Shell Pernis tussen 1965 en 1985 zo’n 115. 000 ton chemisch afval heeft
gestort.
Dit afval lekt zo langzamerhand weg in de bodem, maar aan saneren denkt Shell
voorlopig nog niet en daar komen ze nog goed mee weg ook.
De laatste SP actie bestond in het versturen van zakjes afval ‘aan de afzender’.