Eén
van mijn vele hobby’s is bloemschikken. Omdat ik een echte
liefhebber ben van de natuur en alles wat groeit en bloeit, is dit
als vanzelf zo gekomen. Toen ik nog in zeeland woonde kweekte ik
speciaal voor dat doel, snijbloemen, waarvan ik naar hartelust kon
plukken. Een takje van de conifeer of ander bladmateriaal, was er
altijd wel te vinden.
Met een paar bloemen en wat vulmateriaal kun je dan voor weinig geld
iets leuks maken om de woonkamer een feestelijk tintje te geven of
een al dan niet ziek familielid of vriendin te verrassen met een
mooi bloemstukje. Zo’n bloemstukje krijgt van mij dan meestal een
tweede leven zodat ik dubbel plezier heb van mijn creaties.
Het groen is meestal langer houdbaar en als de bloemen in de stukjes
zijn uitgebloeid, vul ik de leegtes weer met wat verse bloemen.
Als
dan echt alles lelijk is geworden, haal ik alle bloemen en het
vulmateriaal eruit. Draai het oaseblok om en dan kan ik het blok
nogmaals gebruiken. Als ik er op dat moment geen tijd voor hebt om
iets te maken, neem ik de oase en doe ze in een plasticzak in de
groentenla van de koelkast. Zolang de oase vochtig blijft, kan ik
het dan nog gebruiken. Nu heb ik geen tuin meer, maar mijn hobby
voer ik nog steeds met veel liefde en plezier uit.
Ik struin nu in de bossen of in de stadsplantsoenen naar
vulmateriaal en op de markt koop ik de bloemen die ik nodig heb. Dat
zijn er vaak maar enkelen en zo blijft alles betaalbaar.
Nog
steeds volg ik cursussen en ben een ijverige leerling.
Volgende week gaan we weer aan de slag om kerststukjes te
maken. Dat is inmiddels een traditie geworden. Mijn kinderen zouden
het raar vinden als zij eens géén kerststukje zouden krijgen van
hun moeder. Ach ja, bloemen houden van mensen en ik hou van hen.
De foto’s spreken voor zich.
